
Het zijn dus niet de strafrechtelijke of administratieve boetes, zoals ze in het sociaal strafwetboek worden opgenomen, die worden aangepast. Wel de algemene vermenigvuldingsfactor (opdeciemen) die op deze boetes wordt toegepast.
Waar deze vandaag nog verhoogd worden met een factor 8 zullen deze vanaf 1 februari vermenigvuldigd worden met 10. Dit geldt zowel voor administratieve geldboetes opgelegd door de administratie als voor de strafrechtelijke boetes opgelegd door een rechter. Dit betekent een stijging met 25%.
In het sociaal strafrecht bestaan, afhankelijk van het misdrijf, vier niveaus van sancties, elk met een eigen minimum- en maximumboete.
De nieuwe geldboetes inclusief de opdeciemen zijn:
De meeste inbreuken op de welzijnswet worden ingedeeld in niveau 3. Geven zij aanleiding tot een arbeidsongeval of gezondheidsschade voor een werknemer, dan worden de inbreuken ingedeeld in niveau 4. Ook het niet aangaan van een arbeidsongevallenverzekering krijgt een sanctie van niveau 4.
De rechter kan ook gevangenisstraffen (van 6 maanden tot 3 jaar) opleggen bij een inbreuk van niveau 4. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de tewerkstelling van illegaal in België verblijvende werknemers (sociale fraude en illegale arbeid).
Als werkgever kan je niet voor eenzelfde overtreding tegelijk veroordeeld worden tot een administratieve en strafrechtelijke geldboete. De combinatie van een gevangenisstraf met een strafrechtelijke geldboete is wel mogelijk.
Daarnaast geldt een minimumdrempel wanneer een werkgever een inbreuk pleegt met verzwarende omstandigheden. In deze gevallen mag de strafrechtelijke of administratieve geldboete niet lager zijn dan de helft van de maximumboete die voorzien is voor een inbreuk van niveau 4. Met een uitzondering voor inbreuken die opzettelijk (‘wetens en willens’) zijn gepleegd en waarbij die opzettelijkheid al heeft geleid tot een verhoging van het sanctieniveau naar niveau 4.
De verzwarende factoren zijn:
Voorbeeld: als er een verzwarende factor aanwezig is bij een inbreuk van niveau 4 en de rechter spreekt een strafrechtelijke geldboete uit, dan bedraagt deze minimaal 35.000 euro (zijnde de helft van 70.000 euro). Als een administratieve boete wordt opgelegd zal deze minimum 17.500 euro bedragen.
De nieuwe geldboetes treden in werking voor overtredingen begaan vanaf 1 februari 2026. Voor een inbreuk die dateert van voor deze datum maar waar de rechter je pas nadien sanctioneert, zullen dus de oude opdeciemen (x 8) van toepassing blijven.