
Uit een rapport van Axa uit 2023 blijkt dat over alle sectoren heen 5% van de arbeidsongevallen gelinkt worden aan machines. In de tuin en groenaanlegsector wordt er echter veel hoger gescoord.
Machinegerelateerde arbeidsongevallen zijn goed voor bijna één op vier van alle geregistreerde arbeidsongevallen in de sector. In 2024 steeg dit aandeel naar 24,8%, het hoogste niveau in de beschouwde periode. Na een relatieve verbetering in 2023 (20,2%) is er dus sprake van een duidelijke verslechtering in 2024. Opvallend is de stijging van de categorie “Mechanisch handgereedschap”: van 10,0% in 2023 naar 13,7% in 2024. Dit maakt gemotoriseerd handgereedschap veruit de grootste machinegerelateerde risicocategorie in de tuinaanlegsector.
Snij- en snoeiwerkzaamheden met mechanisch handgereedschap vormen veruit de grootste bron van arbeidsongevallen. Met 5,9% is het de grootste categorie. Dit is niet verwonderlijk: snoeien en knippen van bomen, struiken en hagen behoort tot de dagelijkse kerntaken in de tuinaanleg, en de gebruikte apparatuur beschikt over scherpe, snelroterende of krachtige snijmechanismen die bij verkeerd gebruik ernstig letsel kunnen veroorzaken.
De tweede grootste subcategorie is draagbare of verplaatsbare machines voor grondbewerking en landbouw. (3,2%). Hieronder vallen bosmaaiers, freesmachines, trilplaten en vergelijkbare apparatuur. De risico’s omvatten rondslingerende stenen en objecten, trillingsletsels en contact met het roterende snijorgaan.
Boormachines, draaibankgereedschappen en schroefapparaten zijn verantwoordelijk voor 1,2% van de incidenten. Hoewel de individuele percentages kleiner zijn, is het patroon duidelijk: nagenoeg elk type gemotoriseerd handgereedschap dat in de tuinaanleg wordt gebruikt, duikt op in de statistieken als oorzaak van arbeidsongevallen.
Ongevallen met materialen, voorwerpen, producten en onderdelen van machines zijn ook een belangrijke categorie. In 2022 vertegenwoordigde deze code nog 17,0% van alle incidenten; in 2024 daalde dit naar 10,8%. Hoewel dit een positieve trend lijkt, gaat het nog steeds om een significant aandeel. Het betreft hier letsels veroorzaakt door losgeraakte machinedelen, vliegende deeltjes, scherven en splinters die bij machinegebruik vrijkomen. Onrechtstreeks hebben machines hier dus ook nog een grote impact.
Gezien het hoge en stijgende aandeel van mechanisch handgereedschap bij arbeidsongevallen, is een gerichte aanpak cruciaal. Werknemers die dagelijks met snoeischaren, zagen, slijpers of bosmaaiers werken, dienen veilige en goed onderhouden machines ter beschikking te krijgen. Op dit ogenblik gebeurt er echter te weinig om de veiligheid van deze machines te verifiëren. Fedagrim wil daarom een periodiek onderhoud, en liefst zelfs een periodieke keuring van deze machines aanmoedigen.
Elke machine die in de tuinaanleg wordt ingezet, dient te beschikken over een bijgewerkte risicoanalyse en een bijbehorend veiligheidsprotocol. Dit protocol bepaalt minimaal: de vereiste opleiding voor gebruik, de verplichte PBM’s, de procedure bij pech of vastlopen van de machine, de reinigings-en onderhoudsinstructies, en de minimale afstanden tot derden tijdens gebruik.
De analyse van arbeidsongevallen in de tuinaanlegsector over de periode 2022–2024 laat een onmiskenbaar patroon zien: machines en gemotoriseerd handgereedschap vormen structureel een van de grootste risicofactoren. Bijna één op vier arbeidsongevallen is machinegerelateerd, en dit aandeel nam in 2024 opnieuw toe na een tijdelijke verbetering in 2023.
Een geïntegreerde aanpak – met aandacht voor opleiding, PBM-gebruik, machineonderhoud, risicoanalyse en werkplekinrichting – is de enige manier om deze trend structureel om te buigen. De data toont dat tijdelijke verbeteringen (zoals in 2023) snel worden tenietgedaan als het beleid niet consequent wordt volgehouden. Machineveiligheid is in de tuinaanleg geen eenmalige actie, maar een permanente prioriteit.