
Inmiddels is de 23e caisson geplaatst op het zogenoemde Prinses Elisabetheiland en de bouwput in Vlissingen gesloten. Eens afgewerkt zal het eiland verschillende windparken op zee met elkaar verbinden.
Netbeheerder Elia besloot om een 6 hectare groot artificieel energie-eiland te laten bouwen in de Belgische Noordzee: het Prinses Elisabetheiland. Het eiland ligt zo’n 45 kilometer van de Belgische kust af. Het transporteert de hernieuwbare energie van de windmolenparken op zee naar het hoogspanningsnet op land en verbindt het Belgische net met onder meer het Britse en Deense net. Deze wereldprimeur ligt midden in een van de drukste scheepvaartroutes ter wereld. Met een verwachte capaciteit van 3,5 GW zal het energie-eiland bijdragen aan het verhogen van windenergie op zee.
De 23 caissons die de contouren van het eiland zullen uitzetten, zijn de afgelopen twee jaar geplaatst. Alleen tijdens de stormachtige wintermaanden lagen de werken even stil. In oktober 2025 plaatste het consortium TM Edison de laatste caisson in de haven van Vlissingen. Aannemer Jan de Nul heeft zojuist bekendgemaakt de bouwput in Vlissingen te sluiten.
De uitgezette caissons vormen dus de buitenrand van het eiland. De 23 blokken uit gewapend beton van 58 meter lang, 28 meter breed en 28 meter hoog hebben een gewicht van 20.000 ton per stuk. Aannemer Jan de Nul heeft de 23 caissons gebouwd in de haven van Vlissingen in vijf productiestappen. Eerst werd de grondplaat gebouwd, waarop de slibwanden kwamen. Daarna werden de kabelgoten toegevoegd, een afdekplaat erop en uiteindelijk golfbescherming als afdekking. Het hele proces voor een caisson nam zo’n 85 dagen in beslag, maar dankzij het doorschuifsysteem konden tegelijkertijd vijf caissons in productie zijn.
Eens klaar zijn de 23 deels verzonken betonnen caissons met sleepboten naar de locatie op zee gebracht. Hierbij was een team van meer dan 300 mensen en een vloot van 15 gespecialiseerde schepen betrokken, waaronder kraanschepen, bevoorradingsschepen en sleepboten. Baggerschepen vulden ter plaatse de binnenkant met zand, waardoor de caissons verder afzonken en zo hun finale positie op de rotsfundering innamen. Rond de caissons plaatste de aannemer schuur- en teenbescherming om schade tijdens hevige stormen te vermijden. Rotsinstallatieschip Simon Stevin plaatste eerder stenen op de zeebodem als stevige basis voor de installatie van de caissons.
Via onderzeese hoogspanningskabels wordt het eiland ook verbonden met het vasteland. Deze hebben een gecombineerde lengte van 165 km, met een capaciteit van elk 220 kV. Dus de hernieuwbare elektriciteit uit de Prinses Elisabeth-zone wordt ook getransformeerd voor transport naar het vasteland. Anderzijds dient het eiland ook als knooppunt met andere energienetten, zoals de Nautilus-link met het VK en de Triton-link met Denemarken. Zo kan energie vlot tussen de netten vloeien om overbelasting te vermijden.
Ook wordt tijdens de bouw rekening gehouden met de invloed van het eiland op de natuur. Aan de buitenrand van het eiland komen richels om meeuwen broedplaatsen te geven. Onder water komen er reliëfpanelen voor klein zeeleven, de diverse vormen schuurbescherming en grindbedden rondom het eiland bieden een veilige haven voor vissen. Dit zal zorgen voor een hotspot voor biodiversiteit.
De voorbereidingen voor de volgende fase zijn in volle gang. Als het weer het toelaat, worden de offshore-activiteiten in het voorjaar van 2026 hervat.
Ben jij geïnteresseerd in alles wat te maken heeft met windparken op zee? Noteer dan alvast 19 november 2026 in jouw agenda want dan organiseert Prebes West-Vlaanderen regio Noord een studieavond rond het thema 'Offshore Windmolens/trainingsprogramma’s'.